Schranking
Schranking betekent in algemene zin: 1. afwisselend overslaan 2. kruisen.
In houtconstructie: kromtrekken (eventueel scheluw), scheefstand door ongelijkmatige belasting of door draaiende krimping. Gevolg : bijvoorbeeld klemmende kastenladen, deuren of ramen, scheeftrekkende steigers.
In houtskeletbouw: wanneer een wand onderhevig is aan een kracht in zijn vlak, zal hij de neiging hebben om te roteren en te vervormen. Onder de verticale belasting vallen onder andere het eigen gewicht van het bouwwerk, de gebruiksbelasting en de sneeuwbelasting, terwijl de horizontale belasting in België in hoofdzaak wordt uitgemaakt door de windbelasting. De mate waarin de wand hieraan kan weerstaan, wordt de schrankweerstand genoemd. Deze wordt uitgedrukt in kN/1,20 m en is afhankelijk van verschillende factoren.
Bij een HSB (houtskeletbouw)wand zorgt de beplating in grote mate voor de stijfheid van het geheel. Van cruciaal belang zijn de materiaaleigenschappen (dikte en type zoals bvb. OSB), enkel- of dubbelzijdig, horizontaal/verticaal (best verticaal en verdiepingshoog), verbinding tussen de platen (best tand-en-groef en gelijmd).
[bron: Professional Media Group, 15 mei 2018].